volharding

Openbaring 3:10

'Omdat u het woord van Mijn volharding hebt bewaard, zal Ik ook u bewaren voor het uur van de verzoeking, die over heel de wereld komen zal, om hen die op de aarde wonen te verzoeken.'

Wat wordt er bedoeld met ‘het woord van mijn volharding’, waar de Heer over spreekt in Openbaring 3 tot de gemeente te Filadelfia? Het is een erg belangrijke tekst want de Heer koppelt er een belofte aan vast. En bijna alle commentaren en discussies gaan over de betekenis van die belofte maar je leest bijzonder weinig over de betekenis van ‘het woord van mijn volharding’. Wat bedoelt de Heer met 'zijn volharding'?

Wat opvalt is het verschil tussen bijbelcommentaren die lezen wat er daadwerkelijk staat en daar conclusies aan verbinden, zoals deze, deze, deze en deze en bijbelcommentaren die denken te weten wat er staat, zonder de tekst goed te lezen, en die conclusies verbinden aan hun vooringenomen opvattingen, zoals deze en deze. Deze oppervlakkige commentaren lezen in ‘het woord van mijn volharding’ iets algemeens, dat wij als gelovigen moeten volhouden in ons geloofsleven, hoe moeilijk het ook wordt. De oppervlakkige commentaren geven tevens een zeer algemene interpretatie van ‘ure van de verzoeking die over de gehele aarde komen zal’, namelijk alle verzoekingen van alle tijden, zeg maar: alle verzoekingen waaraan gelovigen de laatste 2000 jaar zijn blootgesteld. Deze commentaren lezen de schrift niet maar leggen hun eigen opvattingen op aan de schrift. Dat is erg gevaarlijk. Zalig hij die leest, zo begint het boek Openbaring. Maar je moet dan wel lezen wat er staat en niet wat je denkt dat er staat of vindt wat er zou moeten staan. Die eigenwijsheid kan je duur komen te staan. Het boek eindigt met de waarschuwing niets toe te voegen aan het boek of af te doen van het boek.

De commentaren die lezen wat er staat, laten zien dat het hier niet in de eerste plaats om ons, gelovigen, gaat maar om Christus. Het is het woord van zijn volharding. Hij is Degene die volhardt. Hij heeft allereerst volhard in het volbrengen van zijn werk aan het kruis maar dat is niet alles wat hier wordt bedoeld. Sindsdien heeft Hij volhard in het weer bij elkaar brengen van de discipelen die verstrooid waren en die het bijltje erbij neer wilden gooien. ‘Ik ga vissen’, zei Petrus. ‘Wij gaan ook met u mee’, zeiden zes anderen. Toen hadden ze al meermalen kennis gemaakt met de opgestane Heer. Dan openbaart Jezus zich opnieuw aan zijn discipelen en herhaalt Hij het wonder van de allereerste visvangst, van het moment van hun eerste roeping - alleen dan nog veel mooier. Ze hoeven niet af te varen naar de diepte maar de netten alleen aan de andere kant uit te werpen. En het net scheurt deze keer niet. Hij is het, die volhardt. Hij laat niet varen, de werken van zijn handen. ‘Als wij ontrouw zijn, Hij blijft trouw want Zichzelf kan Hij niet verloochenen.’ De zorg van Christus voor zijn gemeente is niet opgehouden na zijn hemelvaart. Zittend aan de rechterhand van God, komt Hij als hemelse hogepriester zijn volk te hulp. Hij bidt en wacht daar al bijna 2000 jaar. Dat is volharding. Hij bidt voor de miljoenen op aarde, die voor Hem kozen en die op alle mogelijke manieren verzocht worden, zodat ze niet afhaken. Dat is een zeer intense strijd, die Hij al 2000 jaar levert.

Hoe bewaren wij dat woord van zijn volharding? Wij bewaren het door - net als Hij – te bidden voor elkaar, voor zijn gemeente, voor de verspreiding van zijn woord op aarde, zodat zijn gemeente groeit. Wij bewaren het door net als Hij uit te zien naar het moment dat we met Hem worden verenigd, zoals een bruid die uitkijkt naar haar trouwdag. Zoals kinderen, die al uren in een hete auto hebben gezeten en die op een onverharde weg, bij een laagstaande zon, de vakantiebestemming naderen en reikhalzend uitzien naar het moment dat ze eindelijk de camping op rijden en de omgeving kunnen gaan verkennen. Het woord van zijn volharding heeft te maken met toekomstverwachting. Als we verwachten dat Hij elk moment kan komen, dan gaat daar een reinigende en stimulerende werking van uit. Ieder die deze hoop op Hem heeft, reinigt zich, zoals Hij rein is. De hoop op zijn komst is ‘de helm van het heil’. Het bewaart de gedachten in het hoofd voor aanvallen van buitenaf. Het is de hoop van zijn aanwezigheid in het hemels heiligdom, onzichtbaar achter het voorhangsel, maar eenmaal verschijnend aan allen die in Hem geloofd hebben.

In diverse gelijkenissen gebood de Heer zijn discipelen om Hem te blijven verwachten. Het uitdoven van die verwachting is de doodsteek voor de gemeente. Mattheüs 24:48 'Maar als die slechte dienaar in zijn hart zou zeggen: Mijn heer blijft nog lang weg, en zou beginnen zijn mededienaren te slaan en te eten en te drinken met de dronkaards, dan zal de heer van deze dienaar komen op een dag waarop hij hem niet verwacht en op een uur dat hij niet weet; en hij zal hem in stukken houwen en hem doen delen in het lot van de huichelaars; daar zal gejammer zijn en tandengeknars.’

Het verkeerde gedrag van een dienstknecht begint met: ‘als de slechte dienaar in zijn hart zou zeggen; Mijn heer blijft nog lang weg…’ Het is erg belangrijk de verwachting van zijn komst levend te houden in het hart. Er zijn verschillende manieren waarop de duivel heeft getracht die verwachting uit te doven. De eerste tactiek is lang geleden toegepast, namelijk in de vierde eeuw na Christus, toen christenen een belangrijke positie kregen in de samenleving. Al snel was een zichtbare terugkeer van Christus in grote kracht en heerlijkheid, met de wolken van de hemel, ingewisseld door een onzichtbare, geestelijke komst, in de gestalte van de uitwerking van Gods koninkrijk door de christelijke kerk op aarde, uitlopend op het Heilige Roomse Rijk. Het koninkrijk Gods was gekomen en de Paus was de stadhouder van Christus. ‘Mijn heer blijft nog lang weg’, was de grondgedachte en het daarbij behorende gedrag begon te ontluiken: mededienaren, die het niet eens waren met de speciale plaats voor Maria, de onfeilbaarheid van de Paus en het verdienmodel van de kerk werden wreed vervolgd. Daarnaast werd innig samengewerkt met de adellijke machthebbers in de wereld.

De reformatie had haar handen vol aan het bestrijden van alle uitwassen van de Rooms Katholieke kerk en kwam niet toe aan een nieuw inzicht in de lijfelijke terugkeer van Jezus op aarde. Voor teksten als Handelingen 1:11 'Deze Jezus, Die van u opgenomen is naar de hemel, zal op dezelfde wijze terugkomen als u Hem naar de hemel hebt zien gaan’, voor dergelijke teksten was ook in de theologie van de reformatoren en hervormers nauwelijks plaats. Het duurde tot 1830 voordat JN Darby de waarheid van het woord weer recht begon te snijden en onderscheid aanbracht tussen de verschillende tijdperken of ‘eeuwen’ in Gods heilsgeschiedenis. Daardoor werden belangrijke teksten over de Opname van de gemeente onder eeuwen van kerkelijk stof vandaan gehaald en weer op een voetstuk geplaatst. Het woord van de volharding van Christus, in zijn geduldige wachten op zijn vereniging met zijn lichaam, de gemeente, kwam in het volle licht te staan. Filadelfia was geboren nadat Sardis was gebleken ‘dood’ te zijn. Dat wil zeggen: ‘dood’ voor wat betreft het vurig uitzien naar de komst van de Heer.

Maar een verwachtend uitzien door de gemeente naar Christus, dat kan de duivel niet hebben. De 'overste van de macht der lucht, de geest die werkt in de kinderen van de ongehoorzaamheid', zat niet stil en vond nog genoeg ongehoorzame kinderen, die niets van God en van Christus moesten hebben, om een geheel nieuwe leer op te tuigen. Tegenover Darby vond de duivel Darwin en hij werd het instrument om de leer uit te werken dat alle leven een product was, niet van de scheppende hand van God, maar van een blind evolutieproces van miljoenen (en later miljarden) jaren. (Feitelijk komt men, nu men erachter komt hoe eindeloos complex het leven is, zwaar tijd tekort aan die miljarden jaren en daarom is momenteel de gedachte van miljarden heelallen in opkomst, het multiversum).

Veel kerken en kerkelijke instituten hebben de wetenschap een plaats boven de Bijbel gegeven. Zij hebben geprobeerd deze evolutieleer te verenigen met het christelijk geloof. God zou hebben geschapen door middel van evolutie en weg is het zicht op de komst van Christus. Miljarden jaren zijn gepasseerd en er zullen, als het aan de hoog aangeschreven wetenschap ligt, nog miljarden jaren volgen. Een komst van Christus op de wolken van de hemel past totaal niet in een evolutionistisch wereldbeeld, dat bewust of onbewust omarmt is door de kerk. ‘Mijn Heer blijft nog lang weg’, wordt tegenwoordig breed in de christenheid gedacht en het bijbehorend gedrag kan niet uitblijven. Kerken gaan massaal mee in het destructieve beleid dat in naam van gezondheid en wetenschap door overheden wordt gevoerd. Het doel is een volgend stapje op de evolutieladder en als God de mens door middel van evolutie schiep, wat is er dan mis met een supermens? Kijk vooral eens naat het plaatje op de omslag van de eerste druk van het boek 'Operatie Supermens'.

De toekomst is verborgen. Alles wat we verwachten ten aanzien van de toekomst is gebaseerd op het verleden. En daarom wil de duivel heel graag het zicht op het verleden zodanig inkleuren, dat het zicht op de komst van Christus wordt vertroebeld. Een kerk die na eeuwen van vervolging ineens op het regeringspluche wordt gezet, gaat anders denken over de toekomst den een kerk die vervolgd wordt. Een kerk die meegaat in een geleidelijk proces van miljarden jaren, verwacht een voortzetting van dat geleidelijke proces in de toekomst en een God die werkt door middel van de techniek en de wetenschap. En zo wordt door de kerk zelf de weg bereid voor een antichristelijk rijk. Dat is zich nu onder onze ogen aan het ontvouwen met volledige medewerking van alle zogenaamd christelijke partijen. Voor hen die het woord van Jezus’ volharding bewaren, is de boodschap: Lukas 21:28 ‘Wanneer nu deze dingen beginnen te geschieden, kijk dan omhoog en hef uw hoofd op, omdat uw verlossing nabij is.’

Aan het vasthouden van het woord van zijn volharding, is de enorme belofte verbonden, namelijk door Hem te worden bewaard, niet voor verzoekingen in zijn algemeenheid, maar voor ‘het uur van de verzoeking dat over het gehele aardrijk zal komen’. Als er sites zijn die beweren dat dit gaat over verzoekingen in het algemeen, dan zijn zij in tegenspraak met andere delen van de Bijbel, waar staat: Jakobus 1:2 'Acht het enkel vreugde, mijn broeders, wanneer u in allerlei verzoekingen terechtkomt, want u weet dat de beproeving van uw geloof volharding teweegbrengt.’

De belofte van de Heer gaat niet over verzoekingen die ondraaglijk voor ons zouden kunnen zijn, zoals bijvoorbeeld wordt bedoeld in een tekst als: ‘Meer dan een menselijke verzoeking is u niet overkomen. En God is getrouw: Hij zal niet toelaten dat u verzocht wordt boven wat u aankunt, maar Hij zal met de verzoeking ook de uitkomst geven om die te kunnen doorstaan.’ Er is een groot verschil tussen enerzijds specifieke ‘verzoekingen boven vermogen’, die eenmalig en voor ieder weer anders zijn omdat het vermogen tot dragen per persoon verschillend is, en anderzijds een ‘uur van verzoeking, dat over de gehele aarde zal komen’, dat is een specifiek tijdperk van een verzoeking die voor alle mensen op aarde hetzelfde is, een verzoeking die verderop in hetzelfde Bijbelboek wordt beschreven. Maar traditionele kerken willen van een specifiek tijdperk dat de terugkeer van de Heer Jezus inluidt helemaal niet weten omdat ze nog steeds uitgaan van een kerk die zelf de woorden van Christus hier op aarde moet uitwerken, mogelijk ook nog eens als volgende stap in een door God geleide evolutie. Christus is dan niet de verlosser maar de volgende stap in het evolutieproces naar de transhumane mens, de mens die uiteindelijk ‘als God’ wordt, de goddelijke natuur deelachtig worden met de hulp van wetenschap, techniek en, uiteraard – we blijven wel christelijk – met de hulp van Christus. Dit heeft echter niets te maken met Christus maar is de omarming van de antichristelijke leugen.

De mensheid wordt momenteel rijp gemaakt voor de nieuwe wereldorde, zoals uiteengezet door het World Economic Forum in een prachtige 'krans' en breed gedragen door alle wereldwijd opererende organisaties, waarvan de meeste gelinkt zijn aan de VN en aan het internationale bankwezen. De donkerste periode in de wereldgeschiedenis is heel dichtbij. De Heer heeft beloofd om hen voor die inktzwarte periode te bewaren, die zich bij Hem aansluiten in het volhardend wachten op zijn komst.

'Wanneer nu deze dingen beginnen te geschieden, kijk dan omhoog en hef uw hoofd op, omdat uw verlossing nabij is'.

- 25 september 2021 -

opname

Ik kom weer en zal u tot Mij nemen